In 1436 treedt hij op als “tresorier” van zijn geboortestad Brugge. In 1440 krijgt hij aan het Hof van Bourgondië een driedubbele functie:
Bladelin patroneerde met bijzondere zorg de muzikale kapel van het Hof van Bourgondië. De grote componist Willem Dufay liet zich door Bladelin voor de Hertogen van Bourgondië aanwerven. Later ging Dufay voor de de Medici’s naar Italië.
In 1433 verwierf Bladelin het Hof ‘Te Heyle’ in Middelburg (Vl.). In 1444 werd het Hof ‘Ter Middelburg’ verheven tot heerlijkheid door Filips de Goede. In 1451 betrekt Bladelin zijn nieuwe burcht en maakt het Hof te Brugge tot ‘leen’ van Middelburg. Bladelin had een totaal nieuwe stad opgericht met 3 stadspoorten, een burcht en een Kapittelkerk. Enkel deze Kapittelkerk bleef bewaard.
Pieter Bladelin overleed in Middelburg in 1472 en werd er in zijn kerk begraven.
Het echtpaar Bladelin had geen kinderen. Zo moest de Heerlijkheid Middelburg overgaan naar de Hertog van Bourgondië, Karel de Stoute. Vanaf 1466 werd Piero de Medici eerste leenman en wordt het Hof Bladelin de “Banco de Medici”. Het hof werd nadien nog bewoond door Lorenzo de Medici ‘Il Magnifico’, en van 1479 tot 1497 door Tommaso Portinari, bankier voor de de Medici’s. In de archieven vinden we over de betekenis van de naam Bladelin slechts het latijn-getinte Bladelius en Bladelin; het achtervoegsel ‘lijn’ of ‘lein’ duidt op een verkleinwoord, dus ‘klein blad’ (partituurtje?) Het wapenschild van P. Bladelin (zie nis in poortgebouw) bevat een veld van hermelijn, schuin gedwarst met keel (rood) op sabel (zilver) – de bijhorende attributen; helm, wrong, vleugels en helmbladen dragen het hermelijn van P. Bladelin en de Hansa-kleuren keel en sabel.